Mensen met een angststoornis zijn mensen die altijd nerveus en angstig zijn, veel piekeren en voortdurend opzien tegen allerlei kleine dagelijkse gebeurtenissen. Bv wanneer de partner een kwartier later thuiskomt dan gewoonlijk, hebben zij al een intense angst dat de partner in een ernstig ongeluk is betrokken.
Angst op zich is een normale reactie is op een dreigend gevaar voor wezenlijk (van buiten komend) of vermeend (van binnen komend) gevaar. Wezenlijk gevaar is bijvoorbeeld als je aangevallen wordt door een kwade hond, vermeend gevaar is bijvoorbeeld angst om te falen.
Angst heeft, net zoals pijn, een belangrijke functie. Pijn is een signaal dat men rust moet nemen om te kunnen herstellen.Angst is een signaal om in beweging te komen om gevaar te bestrijden (vechten) of te ontlopen (vluchten). Het lichaam reageert op angst ondermeer met een versnelde hartwerking (hartkloppingen) en ademhaling ("hyperventilatie") en een verhoogde bloedtoevoer naar de spieren (warm worden).
Pas wanneer angst in een onrealistische hoeveelheid aanwezig is en de persoon gedurende minstens een half jaar belemmert in zijn dagdagelijkse functioneren kan men spreken van een angststoornis.
Soms kan de angst zo hevig worden dat we het paniek noemen. Meerdere paniekaanvallen in een relatief korte tijd wordt een paniekstoornis genoemd
Algemeen
Mensen met een angststoornis zijn mensen die altijd nerveus en angstig zijn, veel piekeren en voortdurend opzien tegen allerlei kleine dagelijkse gebeurtenissen. Bv wanneer de partner een kwartier later thuiskomt dan gewoonlijk, hebben zij al een intense angst dat de partner in een ernstig ongeluk is betrokken.
Angst op zich is een normale reactie is op een dreigend gevaar voor wezenlijk (van buiten komend) of vermeend (van binnen komend) gevaar. Wezenlijk gevaar is bijvoorbeeld als je aangevallen wordt door een kwade hond, vermeend gevaar is bijvoorbeeld angst om te falen.
Angst heeft, net zoals pijn, een belangrijke functie. Pijn is een signaal dat men rust moet nemen om te kunnen herstellen.Angst is een signaal om in beweging te komen om gevaar te bestrijden (vechten) of te ontlopen (vluchten). Het lichaam reageert op angst ondermeer met een versnelde hartwerking (hartkloppingen) en ademhaling ("hyperventilatie") en een verhoogde bloedtoevoer naar de spieren (warm worden).
Pas wanneer angst in een onrealistische hoeveelheid aanwezig is en de persoon gedurende minstens een half jaar belemmert in zijn dagdagelijkse functioneren kan men spreken van een angststoornis.
Soms kan de angst zo hevig worden dat we het paniek noemen. Meerdere paniekaanvallen in een relatief korte tijd wordt een paniekstoornis genoemd
Aanverwante ziektebeelden:
DWANGSTOORNIS